Jun 22 2010

Back in Russia

Gisteren zijn we om 7.30 de muggen ontvlucht die bivakkeerden in hetzelfde weiland waar wij onze tenten hadden opgezet. Motorkleding aan, helm op, tent inpakken en wegwezen.

Voor de middag waren we al in Barnaul (hele grote stad) waar we een hotel hebben gezocht en de rest van de dag hebben besteed aan het vinden van een vervangende netbook-lader. ’s Avonds brak er een gigantisch noodweer los, we waren blij niet in de tenten te liggen.

Nu vertrekken we richting de bergen, op naar Mongoilië!


Jun 27 2010

De droom van Joep

Vanmorgen eens uitgebreid ontbeten, eieren, een soort van tostie, koffie en een sapje; puur luxe. Op weg naar de Altai! Het weer is drastisch omgeslagen, de temperatuur is nog niet de helft van gisteren, maar wel lekker, een keer niet zwetend wakker worden. Gisterenavond stonden we nog even buiten het hotel toen met een enorm kabaal een vrachtwagen met een onbegrijpelijke manoeuvre drie staande lantaarns van het hotel ramde. Dan is het niet de bedoeling dat je de zooi opruimt, auto aan de kant en schadeformulier gaat invullen, maar je laat de vrachtauto gewoon midden op straat staan, de rommel (glas, bumper en wat losse auto-onderdelen) laat je lekker liggen en je gaat maar eens bellen. Na de chauffeur en zijn bijrijder een keer of 8 rond de auto hebben zien lopen en er na een half uur nog geen enkele aktie viel waar te nemen, zijn we maar weer naar binnen gegaan (vanmorgen was overigens wel alles weg). Eerst nog even lijm gehaald om het handvat van de Honda vast te zetten, en dan echt op weg. Rusland is een wezenlijk verschil met Kazachstan, het uiterlijk van de mensen is plots niet meer Aziatisch maar bijna Europees, de wegen liggen er goed bij en een stad als Barnaul is bijna westers. De Altai is een middengebergte waarna wij op weg zijn;  hier hebben wij naar uitgekeken,  voor Joep een hoogtepunt, voor Jan ook hoewel die zich enorm op Kirgizië had verheugd. Stenen moeten blijkbaar worden aangevoerd want alle huisjes zijn nog van hout, lijkt wel Hans en Grietje. Zo te zien is ook stromend water een probleem, want leidingen zijn nergens te zien; daarentegen zijn er wel veel beken en veel land is overstroomd. We zien wel weer wilde paarden! De wegen kronkelen zich door het voorland van de Altai en overal is politie, in elke zijweg staat een patrouilleauto, in elk dorp staan deze wetshandhavers. Dat noopt ons, en niet alleen ons, om de wettelijke snelheid beter niet te overschrijden hoewel de wegen daartoe wel uitnodigen! Bij een panoramapunt gestopt om even de omgeving goed in ons op te kunnen nemen, en we worden meteen overvallen door een Russin die, als ze hoort dat we niet uit Duitsland maar uit Nederland komen, enorm enthousiast wordt en ons moet zoenen; waarom blijft duister, maar haar enthousiasme is wel erg leuk! We horen meteen ook van haar waar al die politie onderweg  voor diende; op enig moment kwamen er ons een aantal voorbij gescheurd met geblindeerde volgwagens erachter. Poetin was in het land en is ons gewoon gepasseerd zonder iets te zeggen! Wat een knurft om ons niet even goeiedag te zeggen, we waren met onze oranje regenpakken aan toch echt niet te missen! Maar goed, dan niet, we rijden lekker door en het landschap wordt alleen maar mooier. Het is ruig maar ook zacht van vorm, het echte gebergte moet nog komen. Omdat het weer naar regen dreigt (afgelopen nacht heeft het Barnaul gegoten), besluiten we te overnachten in een hut, oftewel een kale kamer met een bed en een peertje d’r boven; verder schoon en gaat het gieten, dan liggen wij droog!


Jun 27 2010

Altai gebergte

Na een goede nachtrust in de gehuurde hut  en een ontbijt daar (krentenbrood met komkommer) duiken we dan eindelijk het echte Altaigebergte in. En onze verwachtingen worden iedere bocht weer overtroffen! Het begint vergelijkbaar met de Vogezen, mooie wegen en nog niet al te hoog, maar gaandeweg worden de Vogezen ingeruild voor de Alpen, de Dolomieten en de Pyreneeën tegelijk! Man, wat is dit mooi! Stijgen en dalen, haarspeld naar haarspeld, dan weer een paar kilometer door een natuurpark zo mooi, groen, grazige weiden met koeien die niet alleen niet oversteken  maar doodleuk blijven staan, wilde paarden, schapen, geiten, honderden grote roofvogels, ongelofelijk! Je weet niet waar je kijken moet, het landschap verandert na elke bocht en elke pas; hier heeft de mens niet ingegrepen, dit is puur natuur! Daar waar je in Zwitserland het idee hebt deel uit te maken van een modelspoorbaan en modellandschap, voel  je je hier deel van een oeromgeving en ben je klein en nietig. De huizen die we tegenkomen in de veelal kleine dorpjes zijn van hout, de wegen zijn zanderig en stoffig, op de hoofdweg dorp-in na, dat is nog asfalt. De wegen stijgen en het is afgelopen met dalen; we zitten nu op 1777 meter boven zeeniveau op de hoogvlakte; hier groeit alleen nog helmgras en de wind heeft vrij spel. We besluiten de tent op te zetten en zijn omringd door besneeuwde bergtoppen, die zachtoranje kleuren in de ondergaande zon, We worden er stil van, zo’n verstilde schoonheid.  We staan 60 km voor de grens met Mongolië, morgen gaan we ons laatste land in.